Verslag expertmeeting Jeugd en Ruimte
Op 11 november 2010 vond de expertmeeting Jeugd en Ruimte van PRIMO nh plaats in de Brede School / MFA in Schermereiland te Alkmaar. Goede afstemming was nodig.
Centraal stond een goede integrale samenwerking tussen de afdeling Ruimtelijke Ordening en Maatschappelijke Ontwikkeling van gemeenten bij wijkontwikkeling. Dit zou een goede toevoeging zijn, zeker bij Jeugdvriendelijkheid wat zich uitstekend leent voor een integrale werkwijze vanuit meerdere disciplines. Helaas is er toch vaak nog geen goede afstemming tussen de beide afdelingen, vooral niet in een vroeg stadium bij bijvoorbeeld het ontwerp. Op de expertmeeting komt een goed voorbeeld van een gslaagde samenwerking en diens uitkomst aan bod. Daarnaast is er aandacht voor een nieuwe ICT toepassing van TNO, wat de samenwerking bij ruimtelijke planning kan bijstaan.
Opening en aanleiding
De expertmeeting in de Brede School/MFA in Schermereiland in Alkmaar wordt geopend door dagvoorzitter Winny Veldhuijzen van PRIMO nh. Zij leidt het onderwerp van de expertmeeting in.
Tijdens eerder gehouden expertmeetings van het thema Jeugd en Ruimte kwam naar voren dat een goede integrale samenwerking tussen de afdeling Ruimtelijke Ordening en Maatschappelijke Ontwikkeling van gemeenten bij wijkontwikkeling wel van belang zou zijn. Helaas is er toch vaak nog geen goede afstemming tussen de beide afdelingen, vooral niet in een vroeg stadium bij bijvoorbeeld het ontwerp. Jeugdvriendelijkheid leent zich daarnaast uitstekend voor een meer integrale werkwijze met inbreng vanuit de beide disciplines.
Wat levert een integrale samenwerking tussen RO en MO op en wat kan dit stimuleren? Dit punt van aandacht stond, met een nadruk op jeugdvriendelijke wijken en inrichting voor jeugd, centraal in deze expertmeeting. Het doel is om een goede samenwerking tussen R.O. en M.O. bij jeugdvriendelijke wijken meer te stimuleren en daarvoor handreikingen te bieden. Met deze informatieve meeting sluit de reeks van expertmeetings voor jeugd en ruimte af.
Janine Hiemstra van Provincie Noord-Holland vertelt dat het thema jeugd en ruimte voor de Provincie ook volgend jaar een aandachtspunt blijft m.n. kennisnetwerk. Medio januari zal bekend zijn waarop men kan aanbesteden.
Rondleiding Brede School
De directeur Nils van Hijst van de basisschool die in de Brede School/ MFA is gevestigd leidt de aanwezigen rond in de hele Brede School. Het geeft een goed beeld van de diverse doelgroepen uit de wijk die van dit multifunctionele gebouw gebruik maken. Ook wordt duidelijk hoe de activiteiten in de Brede School de onderlinge binding in de wijk ten goed is gekomen. De Brede School is een sociaal-maatschappelijk succes en een product van een goed voorbeeld van een nauwe integrale samenwerking tussen de afdelingen RO en MO ten tijde van de herontwikkeling van de wijk Overdie. Deze samenwerking stond centraal in de presentatie van de Gemeente Alkmaar.
Praktijkvoorbeeld samenwerking RO en MO Gemeente Alkmaar
Gemeenteambtenaar Jaap Wilschut van de afdeling stadsontwikkeling (R.O.) en gemeente ambtenaar Petra Buwalda van afdeling Maatschappelijke Ontwikkeling vertellen aansluitend op de rondleiding over het proces, de knel- en leerpunten, en de voordelen van de intensieve gelijkwaardige samenwerking tussen de afdelingen R.O. en M.O in de wijkinrichting van de wijk Overdie. Wat vooral van belang was bij de herstructurering was de betrokkenheid van de bewoners. Vanaf het begin was het hele proces van sloop en vernieuwing ook een proces waarbij de ideeën van de bewoners van de buurt werd betrokken. Steeds werd er rekening gehouden met wat dat betekende voor de buurt en hoe de gemeente de bewoners daarin kon bijstaan met maatschappelijke projecten. Die aanpak maakte dat de volkse buurtbewoners betrokken bleven ook na de oplevering van de hele wijk. Dit werkt door in het huidige succes van de Brede School.
Kanttekeningen waren dat een aantal financiële overwegingen invloed hadden op de plannen. Niet alles kan uitgevoerd worden, zo is de gymzaal van de school verruild voor woningen om de exploitatie rond te krijgen. Ook is bij een dergelijke samenwerking wel een flinke financiële - en een tijdsinvestering vooraf nodig. Van beide afdelingen moet er veel tijd gestoken worden, ook al vroeg in het proces.
De samenwerking had een moeizame start maar was erg intensief. Er is een overlegstructuur en projectmanagement opgezet die dwars door beide afdelingen heen kon werken. Dat was wel nodig, omdat verschillende afdelingen ondanks dezelfde doelen toch een andere taal spreken. Aangegeven werd dat er geen bepaald model is gebruikt voor de samenwerking, er is intuïtief samengewerkt. Ze geven aan dat samenwerken op die manier wel erg kwetsbaar is. Wel geven ze het grote belang van gelijktijdige en gelijkwaardig samenwerking van RO en MO heel belangrijk is om een succesvolle wijkontwikkeling op te zetten
Urban Strategy TNO
Na een korte pauze houdt onderzoeker Dr. Frank Pierik van TNO, Afdeling Leefomgeving en Gezondheid van onderzoeksinstituut TNO een presentatie over een instrument voor interactieve ruimtelijke planning genaamd Urban Strategy. Dit instrument is juist bedoeld om de samenwerking tussen partijen in de ruimtelijke ontwikkeling bij te staan. In de samenwerking tussen RO en MO kan dat van pas komen.
Het instrument koppelt een centrale database met gegevens over de gebouwde omgeving (afkomstig uit datasets beschikbaar bij gemeenten) aan onafhankelijke computermodellen. De modellen simuleren verkeer, luchtkwaliteit, geluid, externe veiligheid, duurzaamheid, grondwater, kosten en andere aspecten van de fysieke leefomgeving. Op deze manier worden o.a. maatschappelijke uitkomsten bij verschillende scenario’s gepresenteerd op een 3d beeldweergave.
Hierdoor kunnen alle ruimtelijke aanpassingen worden afgewogen op maatschappelijk belang. Een van de nieuwere toepassingen waarvoor het instrument uiteindelijk gebruikt moet worden is het direct zien van effecten op beweegvriendelijkheid en leefbaarheid bij ruimtelijke ingrepen. Het is noglastig om criteria voor deze effecten op te nemen in een computermodel. Dit zijn zogenoemde ‘zachte’ factoren. Hierover werd met de aanwezigen nog gediscussieerd. Het zijn vooral deze effecten die voor de afdelingen MO en jeugd van belang zijn in de samenwerking. Ook werd er discussie gevoerd over welke effecten wel en vooral ook welke niet meetbaar zijn met een dergelijk instrument.
Het blijft lastig een instrument of middel te vinden waarmee alle effecten echt bespreekbaar worden. Toch is Urban Strategy daarin een eventuele mogelijkheid.
PRIMO nh dankt alle aanwezigen en de medewerkers voor een geslaagde informatieve en prettige expertmeeting.

