Sportpleintje cruciaal voor sociale cohesie in stadswijk

gepubliceerd: 17-05-2010

Sport en spelpleinen bevorderen de sociale samenhang en blijken een goede maatschappelijke springplank voor kinderen in aandachtswijken. Dit blijkt uit onderzoek van de Krajicek leerstoel Bestuurs- en Organisatiewetenschap aan de Universiteit Utrecht.

Zij brengen sinds 2007 de maatschappelijke betekenis van sport op een aantal playgrounds in aandachtswijken in kaart. Vandaag overhandigde professor Bestuurs- en Organisatiewetenschap Paul Verweel samen met Richard Krajicek de eerste onderzoeksresultaten aan demissionair minister Eimert van Middelkoop en voormalig staatssecretaris van Sport, Erica Terpstra.

Playgrounds verkleinen etnische verschillen en vergroten sociale binding
Uit wetenschappelijk onderzoek van Universiteit Utrecht blijkt dat playgrounds in aandachtswijken een positieve bijdrage kunnen leveren aan het vergroten van onderling contact tussen jongeren met een verschillende culturele achtergrond. Door samen te sporten worden etnische verschillen overbrugd en fungeren de pleintjes, waar onder begeleiding wordt gesport, als veilige plek waar leeftijdsgenoten dichtbij huis een eigen identiteit kunnen ontwikkelen. Sportbegeleiding door jongeren afkomstig uit de eigen omgeving is daarin onmisbaar en ook welzijn- en buurtorganisaties moeten hun werkzaamheden goed op elkaar afstemmen. Playgrounds waar alle partijen goed samenwerken blijken sociale kruispunten in de buurt te zijn geworden en vervullen daarmee een soortgelijke functie als de sportverenigingen die zich vroeger vaak in de wijken zelf bevonden. Omdat de afgelopen decennia sportvoorzieningen en verenigingen vaak naar grote sportcomplexen buiten de stadskernen zijn verhuisd is een deel van het sociale contact uit de buurt permanent verdwenen. Door het ombouwen van de verlaten sportpleintjes tot playgrounds, waar onder sportbegeleiding wordt gespeeld, ontstaan er opnieuw ontmoetingsplekken. Het onderzoek werd mede gefinancierd door het VSB Fonds, Oranjefonds en ABN AMRO.

Erica Terpstra playground & Nederlands Olympisch Vuur
Met de ambitie om in 2028 de Olympische Spelen in Nederland te organiseren vervullen de sportpleintjes, naast integratie en veiligheid, ook een belangrijke andere functie. Sport en spel in stadswijken vormen immers de bakermat voor Nederlands sporttalent dat in 2028 namens Nederland in actie moet komen. Hierover heeft het NOC*NSF zich ook al uitgesproken in haar meerjarenplan. Bij de overhandiging van de onderzoeksresultaten van Universiteit Utrecht aan minister van Middelkoop was ook Erica Terpstra aanwezig. Als dank voor haar steun die zij al die jaren gaf aan de RKF en haar inzet om sport in Nederland te blijven stimuleren (Terpstra was als staatssecretaris van Sport in 1996 betrokken bij de huldiging van Richard Krajicek na zijn Wimbledon overwinning)  werd het RKF Oranjeplein in Den Haag omgedoopt tot Erica Terpstra playground Oranjeplein. De aankondiging werd door Richard Krajicek aan haar persoonlijk overgebracht.

Belangrijkste uitkomsten onderzoek SC RKF
1. RKF playgrounds geven kinderen en jongeren een eigen plek in de buurt.
2. Op de RKF playgrounds kunnen jongeren respect en eigenwaarde verdienen.
3. Door het sporten kunnen verschillen zoals op basis van etniciteit overstegen worden.
4. RKF playgrounds bieden jongeren plezier in het sporten op een laagdrempelige manier.
5. RKF playgrounds waar verschillende faciliteiten voor sport en spel naast elkaar bestaan zijn de beste plaatsen voor sociale en sportieve ontmoeting.
6. Sportleiders op RKF playgrounds vervullen een essentiële rol als ‘tussenpersonen’ tussen jongeren onderling en tussen jongeren en maatschappelijke organisaties.
7. RKF playgrounds zijn plaatsen in de buurt waar maatschappelijke organisaties jongeren kunnen bereiken.
8. RKF playgrounds zijn sportpleinen waar organisaties in de buurt sport in georganiseerd verband kunnen aanbieden.
9. Sportaanbiedende organisaties op de RKF playgrounds zijn niet altijd goed in staat te werken vanuit het belang van de sportende jongeren.
10. De ‘scholarshippers’ van de RKF vormen een persoonlijke verbinding tussen de playgrounds en de buurt.
11. De kracht van de RKF als organisatie is dat het gericht is op het directe en blijvende contact met betrokkenen in de buurt en op de playgrounds.
12. Op de playgrounds van de RKF worden jongeren benaderd en aangesproken vanuit vertrouwen en aandacht.

Onderzoek naar maatschappelijke functie van sport
De Krajicek leerstoel Bestuurs- en Organisatiewetenschap is de eerste leerstoel van de Universiteit Utrecht waaraan een grote maatschappelijke organisatie zich verbindt, een zogenaamde ‘endowed chair’. Het onderzoeksprogramma onder leiding van professor Paul Verweel richt zich op de relaties tussen de maatschappelijke functies, de organisatie en beleving van de sport. Met name de condities waaronder de sport kan bijdragen aan de sociale cohesie in achterstandswijken staat bij deze leerstoel centraal. Van belang is het antwoord op de vraag hoe jeugd en hun ouders betrokken kunnen worden bij de sport.

Bron: Universiteit Utrecht

Suggesties
Concept structuurvisie Hoorn

Langedijk Woonvisie 2005-2010

In deze woonvisie worden beleid en een programma gepresenteerd voor de periode 2005-2015. Een koers ...

Krimp treft kwetsbare buurten en burgers dubbel

Veel plattelandsgemeenten hebben te maken met bevolkingskrimp. In sociaal economisch zwakke en ...

Krimp in beeld

Handreiking Wmo-wijkaanpak. Een sterk duo.

Deze handreiking van DSP-groep uit 2008 is vooral bedoeld voor gemeenten die een traject ...

Nieuwsbrief
Blijf op de hoogte! Vul uw e-mailadres in en ontvang de digitale Nieuwsbrief Wmo en Wonen.
(Verplicht)
Opdrachtgever

Provincie Noord-Holland

Beheer

dsp

Persoonlijke hulpmiddelen
Inloggen