Oudkarspel - De Kleine Ark
Inge Gerlach is de initiatiefnemer van het particulier kleinschalig wooninitiatief De Kleine Ark in Oudkarspel. Daar wonen acht jongeren met een verstandelijk handicap. In een interview (januari 2010) vertelt zij over de de opzet en de dagelijkse praktijk van een kleinschalige woonvorm.
Kunt u een omschrijving geven van de huidige situatie in De Kleine Ark?
De Kleine Ark is een leef- en werkgemeenschap met acht jonge bewoners in de leeftijd 21 tot en met 27 jaar. Zij zijn gevarieerd wat betreft hun zorgvragen. Daar hebben wij bewust voor gekozen want bewoners kunnen elkaar aanvullen. De Kleine Ark is een oude verbouwde stolpboerderij met vier badkamers om te delen. Iedereen heeft zijn eigen kamer maar er wordt samen geleefd in de woonkamer. ‘Samen doen’ hebben wij hoog in het vaandel. De groep leeft en werkt samen op de Kleine Ark. Er is ook ruimte om even apart van de groep te zijn maar de nadruk ligt op ‘met elkaar’. De wortels zijn gevestigd, we bestaan nu zeven jaar. Bewoners zijn ouder, het wordt nu serieuzer, we zijn daarin mee aan het groeien. Er zijn drie groepsbegeleiders en één werkplaatsbegeleider voor de dagbesteding. Het gaat om 24-uurs zorg. Onze bewoners zijn geïntegreerd in de buurt. Geven en nemen is daarbij de sleutel. Buurtkinderen komen op onze boerderij, wij verkopen biologische groente e.d. zo kan de buurt ook wat van ons hebben. De Kleine Ark is als glas, iedereen weet wat er gebeurd en dat maakt het voor de buurt ook fijn.
Wat maakt het verschil tussen wonen in een zorginstelling en in een particulier initiatief als de Kleine Ark?
Ouders kunnen veel meer betrokken zijn bij de zorg en activiteiten van hun kinderen. De Kleine Ark is daarin heel bijzonder omdat wij zo open zijn. Ouders kunnen er, bij wijze van spreke, met hun neus bovenop zitten. Voor de medewerkers betekend dat er elk moment een ouder binnen kan lopen, dat is een groot verschil in huisregels in vergelijking met (grote) zorginstellingen. Voor bewoners is dat niet altijd ontspannen maar het geeft wel een veilig gevoel dat ouders over hun schouders mee kijken. De Ark is van glas, doorzichtig, korte communicatie, je kunt er alles direct zeggen omdat je er bij bent.
Kunt u iets vertellen over de organisatiestructuur van De Kleine Ark?
Wij zijn een stichting en hebben dus een stichting bestuur om de organisatie professioneel te kunnen laten draaien. Een bestuur kan leidend zijn op lastige momenten en moeilijke fases. Onze medewerkers zijn gediplomeerde mensen die door de sollicitatiecommissie zijn aangesteld (deze commissie bestond uit ouders en de coördinator, ik zelf). Wij hebben een penningmeester die weet hoe hij een stichting financieel moet leiden. Er zit ook iemand van de Raphaëlstichting in het bestuur. Het is belangrijk om ook een neutraal persoon in het bestuur op te nemen. In de beginfase was ik de coördinator en heb ik sturing gegeven. Het bleek belangrijk dat iemand die rol had want anders duurt het opstartproces veel te lang. Later heb ik die rol losgelaten, het bestuur heeft een coördinator aangenomen, ik stuur nu alleen nog vanuit mijn bestuursfunctie.
Hoe wordt het werken en leven in de Kleine Ark gefinancierd?
De Kleine Ark is een Particulier initiatief, een zelfstandige stichting. Maar wij hebben wel met de Raphaëlstichting de afspraak gemaakt dat de gelden voor onze bewoners vanuit het zorgkantoor naar hen toe gaan. De budgetten van de bewoners komen via de Raphaelstichting naar De Kleine Ark. Dit heeft zo kunnen ontstaan omdat wij in onze visie, net zoals de Raphaëlstichting, antroposofisch geïnspireerd zijn. Onze cliënten tellen dus mee in het aantal cliënten van de Raphaëlstichting. Wij zijn namelijk geen AWBZ instelling dus kunnen wij niet rechtstreeks de gelden ontvangen van uit het zorgkantoor. Het alternatief is om cliënten met persoonsgebonden budgetten direct aan Stichting De Kleine Ark te laten betalen. Maar ik wilde niet dat al het geld in handen was van één ouder, ik dus als initiatiefnemer. Ik ben wel de eigenaar van het pand. Daarom kon de Kleine Ark ook zo snel gerealiseerd worden. Je hebt minimaal 8 bewoners nodig om rond te kunnen komen. De mogelijkheden zijn ook afhankelijk van de budgetten van de bewoners. In het begin moesten we goed kijken naar welke zorg de verschillende cliënten nodig hadden, hoeveel geld er in totaal uit de budgetten kwamen, wat wij wilde en wat de realistische mogelijkheden waren. Op De Kleine Ark komen ook cliënten slechts voor de dagbesteding en daarom kunnen we een extra werkplaatsbegeleider financieren. Daarnaast betalen bewoners huur vanuit hun WaJong. Omdat wij zorg op maat leveren en geen grote zorginstelling zijn krijgen de bewoners namelijk een volledige WaJong-uitkering.
Hoe staan jullie in verhouding tot De Raphaëlstichting?
Wij mogen gebuik maken van de expertise van de Raphaëlstichting zoals de orthopedagoog. Daar krijgen wij dan rekeningen voor. Maar we zijn niets verplicht, we maken eigen keuzes, hebben eigen beleid, eigen huisregels, bepalen zelf wie we aannemen. We hoeven geen verantwoording af te leggen maar dat doen we wel omdat we dat prettig vinden. We maken ook gebruik van protocollen. Ik vind het ontzettend belangrijk dat er een stichting met veel ervaring en expertise achter ons staat, ons ondersteunt en adviseert. Als ouders ontbreekt het je namelijk aan tijd en ‘know how’. Met de nieuwe regelingen kan deze opzet misschien niet meer en dan moeten onze bewoners toch een PGB aanvragen, maar onze band met Raphaëlstichting blijft. Deze opzet is bijzonder want als je onder de hoede van een grote zorgaanbieder valt dan willen zij vaak de boel naar hun hand zetten en dan valt juist de kracht van een ouderinitiatief weg.
Kun je iets vertellen over het ontstaan en realisatieproces van de Kleine Ark?
De Kleine Ark is voortgekomen vanuit ouders die net iets anders willen voor hun kinderen dan wat er al is op gebied van zorg, werk en wonen. Van idee tot realisatie duurde het proces anderhalf jaar. Het kon zo snel omdat de visie voor De Kleine Ark al op papier stond. Die heb ik geschreven vanuit verhalen van moeders, van wat zij willen voor hun kinderen en vanuit mijzelf. Als ouder wil je dat je kind gelukkig is: een huis, werk, een mooie plek, lieve mensen, en je wilt betrokken zijn. Toen ben ik opzoek gegaan naar ouders die ook een plek zochten voor hun kinderen via mijn eigen kring en ik heb ouderverenigingen aangeschreven. We hebben een ontmoetingsbijeenkomst georganiseerd en daar bleek dat het goed klikte tussen ouders en bewoners.
Ook heb ik contact gehad met Anke Procee van het Landelijk Steunpunt Wonen. Ik kreeg van haar veel praktische adviezen over zorg en huisvestiging en ze heeft me in een circuit van de zorgsector gebracht. Ik heb het voordeel gehad dat ik zelf ook in de zorg heb gewerkt en al veel wist over ‘iets opzetten’ en over wat goede zorg is.
Ik ben zelf op zoek gegaan naar een geschikte locatie vanuit mijn visie over een zorg en werkgemeenschap. Ik heb toen de oude stolp gevonden die een mooi stuk land had en midden in het dorp ligt, wat het mogelijk maakt dat bewoners in de buurt kunnen integreren. Ik heb de stolp gekocht met mijn eigen onderpand. Maar toen bleek dat de fundering van de oude stolp niet voldeed kwam er even paniek in de tent. We hebben toen fondsen aangeschreven en leningen afgesloten voor de verbouwingen op naam van Stichting De Kleine Ark. De stichting heeft nu aandelen in De Kleine Ark.
Heb je nog tips en adviezen?
- Starheid breekt je de nek. Geven en nemen is de sleutel. Je maakt het met elkaar maar er zijn altijd verschillen in visie, behoeftes en wensen. Het is belangrijk dat je het gesprek daarover stimuleert.
- Start met een sterke visie en zoek mensen (ouders en samenwerkingspartners) die zich bij jou willen aansluiten. Als de basis van waaruit je verder gaat door alle betrokkenen gedragen wordt dan verloopt het ontwikkelingsproces soepeler. Als je daarna naar huisvestiging gaat kijken en gaat praten met de bank, met gemeentes en met woningbouwverenigingen dan moet je plan duidelijk en sterk zijn. Met een sterke visie en een pand kun je vervolgend naar buiten gaan. Als je ouders hebt gevonden die met je meegaan dan kun je het totaal aan zorgbudget bepalen en bekijken welke zorg er nodig is voor de bewoners. Vervolgens kun je dan samen gecombineerde zorg in kopen.
- Met PGB’s werken is vandaag de dag misschien sneller dan onze opzet want anders moet je visie ook overeenkomen met de visie van een overkoepelende stichting zoals de Raphaëlstichting.
- Openheid, betrokkenheid en duidelijke en eerlijke communicatie is heel belangrijk. Iedereen moet het gevoel hebben dat zíj het woonproject maken hoe die is. Voor een dergelijke openheid moet je je in blijven zetten. Je plan moet sterk zijn maar laat ook ruimte voor anderen. Als ouderinitiatiefnemer heb je een dubbelrol. Je bent werkgever maar ook één van de ouders.
- Het algemene doel moet voorop staan, de groep dus. Dat principe moet iedereen dragen. Alleen dan heeft jouw wooninitiatief een kans van slagen.
Link: www.dekleineark.nl
Bron: PRIMO nh

